Shaykh Ul-Islaam Al-Moedjaddid Mohammed Ibn 'Abd Al-Wahhaab

Bismillaah Ar-Rahmaan Ar-Rahiem

Hij is Ash-Shaykh Al-Imaam Shaykh Ul-Islaam Mohammed Ibn 'Abd Al-Wahhaab Ibn Soelaymaan Ibn 'Alie Al-Moesharrafie At-Tamiemie moge Allaah hem genadig zijn. Hij werd geboren in de stad 'Uyainah te Nadjd (Saoedi-Arabiأ«) in het jaar 1115 na de Hidjrah (1703).

Hij groeide op in een omgeving van kennis, tussen zijn vader, ooms en de geleerden van zijn tijd. Zijn vader behoorde tot de geleerden van de stad en was rechter. Hij memoriseerde de Qur'aan voor zijn tiende leeftijd. En hij bereikte de pubertijd voordat hij 12 jaar oud was. Zijn vader vond hem op zijn twaalfde geschikt om de mensen in het gebed te leiden, en in dit jaar liet hij hem trouwen. Hij studeerde onder zijn vader de Maddhab van Imaam Ahmed. Hij zag dat de streek waarin hij leefde een gebied was van Djaahiliyyah, hij zag mensen die aanbiddingen richtten tot de graven, djinn en bomen. Hij keurde deze dingen af, maar sprak er niet openlijk over, omdat hij nog jong was en de mensen hem als kind beschouwden.

Hij reisde naar Mekka en maakte Hadj, en ging naar Medina om kennis te zoeken. Hij studeerde daar onder een aantal geleerden van Hadieth, waaronder: Shaykh 'Abdallaah Ibn Ibraahiem Ibn Sayf Aal As-Sayf, Shaykh Mohammed Hayaat As-Sindie en Shaykh Al-Ahsaaأ¯e. Hij bestuurde de wetenschap van Hadieth, en studeerde de Sahieh boeken, Moesnad Imaam Ash-Shaafi'ie en andere boeken. Hij ging eens naar het graf van de Profeet salla Allaahoe 'alaihi wa sallam om te groeten, en zag wat de mensen daar deden. Toen hij terugkeerde naar zijn leraar Shaykh Mohammed Hayaat As-Sindie, zei hij tegen hem: 'Wat is dit O Shaykh!? Wat doen deze mensen!?' Hij zei:

"Voorzeker, dezen zullen vernietigd worden vanwege datgene waarmee zij bezig zijn (het aanbidden van afgoden). En al datgene zij doen is vruchteloos." (Al-A'raaf 7: 139)

Hij vertrok naar Al-Ihsaa, daar waren geleerden van de 4 Madhaahib, hij studeerde onder hen Fiqh, en nam vele boeken met zich mee die hij kopieerde met zijn pen. Daarna ging hij naar Al-Basrah (Irak) en studeerde onder zijn geleerden, waaronder Shaykh Al-Madjmoe'ie. Hij werd bekend in Basrah vanwege zijn oproep naar de Tawhied en de Soennah. Doordat een groep van de Soefis het hem moeilijk maakten, moest hij Basrah verlaten. Te voet reisde hij door de woestijn, en stierf bijna van de dorst, maar Allaah ta'aala zorgde ervoor dat iemand hem zou vinden die hem zou dragen op zijn ezel. Later reisde hij naar Huraymilaa waar zijn vader rechter was. Toen de zondaren zagen dat de Shaykh opriep naar het goede, probeerden ze hem te doden, maar Allaah redde hem. De Shaykh keerde daarna terug naar zijn geboortestad 'Uyainah.

De Amier van 'Uyainah verwelkomde hem, en accepteerde zijn oproep. Vele bomen die naast Allaah ta'aala werden aanbeden werden verwijderd, en de Shaykh vernietigde de koepel die boven het graf van Zayd Ibn Al-Khattaab radiya Allaahoe 'anhoe werd gebouwd - waaromheen de mensen Tawaaf maakten en andere soorten handelingen van Shirk - met zijn eigen hand. Een vrouw die Zinaa (overspel) had gepleegd bekende meerdere malen en wilde gestenigd worden, de Shaykh liet haar stenigen volgens het voorbeeld van de Boodschapper salla Allaahoe 'alaihi wa sallam. Toen de Amier van Al-Ihsaa dit hoorde, zei hij tegen de Amier van 'Uyainah: 'Jij jaagt deze man weg, of ik geef jou geen geld meer!'

De Shaykh vertrok daarna te voet naar Ad-Dir'iyyah, terwijl de hete zon op hem scheen, het enige wat hij bij zich had was een waaier waarmee hij zichzelf beschermde tegen de zon. Toen hij aankwam in Dir'iyyah, verbleef hij in het huis van zijn student Shaykh Ibn Soeyailim. Toen het bekend werd dat de Shaykh zich in Dir'iyyah had gevestigd, moedigde de vrouw van Amier Mohammed Ibn Su'oed haar man aan om de Shaykh te bezoeken en hem te steunen. De Amier bezocht hem, en vroeg hem over zijn zaak, de Shaykh legde hem zijn Da'wah voor, en vertelde hem dat dit de oproep was tot de Tawhied, de oproep van de Boodschapper van Allaah salla Allaahoe 'alaihi wa sallam. De Amier sloot daarna een verbond met de Shaykh.

Dir'iyyah werd hoofdstad van de Da'wah, studenten verzamelden zich in groepen. De Imaam schreef brieven naar regeringsleiders en geleerden, er werd geoordeeld met de zuivere Sharie'ah, en afgoderij werd bestreden met zwaard en pen, totdat Allaah ta'aala de Tawhied liet overwinnen. Zijn licht verscheen in de Hidjaaz, Jemen, Shaam, en het overgrote deel van het Arabische schiereiland.

De Shaykh stierf zonder eigendommen achter te hebben gelaten, maar hij liet deze Selefie Da'wah achter, die Allaah ta'aala heeft doen spreiden naar de vele gebieden, van China tot aan Amerika. De Shaykh stierf in het haar 1216 van de Hidjrah (1792), na een leven van meer dan 90 jaar (volgens de Islamitische kalender). Een leven toegewijd aan het verspreiden van de religie en kennis. Moge Allaah ta'aala hem belonen en hem genadig zijn.


Bronnen:
Sharh Thalaathat Al-Usool (cassette 1) – Shaykh Mohammed Amaan Al-Djaamie rahimahoe Allaah
Shubuhaat Hawla Al-Moedjaddid – Shaykh Saalih Al-Fawzaan hafidhahoe Allaah