Resultaten 1 tot 5 van de 5

Onderwerp: Biografie van al-Imaam Abdoel-Aziez ibn Baaz

  1. #1
    Ultra Risala Member Oem_Nisa's Avatar
    Ingeschreven
    May 2006
    Locatie
    Zaandam
    Leeftijd
    31
    Berichten
    3.880
    Reputatie Macht
    18

    Biografie van al-Imaam Abdoel-Aziez ibn Baaz

    [CENTER:6b4154cd4a]Biografie van al-Imaam ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz


    Door de nobele Shaykh


    al-‘Allaamah ‘Abdoel-Moehsin ibn Hamad al-‘Abbaad al-Badr


    - moge Allah hem behouden -
    [/CENTER:6b4154cd4a]


    Ash-Shaykh ‘Abdoel-Moehsin ibn Hamad al-‘Abbaad al-Badr, de voormalige directeur van de Islamitische Universiteit van al-Medienah - moge Allah hem behouden - zei in een lezing die hij gaf aan de Islamitische Universiteit van al-Medienah over zijn Shaykh, ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz -moge Allah hem genadig zijn:

    "(...)Een persoon die zowel bekend is bij de specifieken als bij het gewone volk, in de hele wereld, zowel bij de Moslims als de ongelovigen. Een man die - in mijn beschouwing - de grootste wetenschappelijke persoonlijkheid in deze tijd is, die ons herinnert aan datgene waar de Voorgangers (Selef) van deze oemmah(1) zich op bevonden, van onder de handelende geleerden en de leidende gidsen aan overvloedige kennis, edel karakter en algeheel profijt en advies aan de Islaam en de Moslims, en hij is werkelijk een voorbeeld van de eerste klasse.



    Hij is Zijne Excellentie al-Imaam al-‘Allaamah al-Moehaddith al-Faqieh, Shaykhoel-Islaam en Moeftie van de Mensheid, de Hervormer van de 15e eeuw, ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn ‘Abdillaah ibn Baaz -moge Allah hem genadig zijn en hem vergeven(...)


    Ten eerste: zijn afkomst, geboorte en opvoeding

    Ik zeg - zoals ik al heb gezegd:



    Hij is Zijne Excellentie al-Imaam al-‘Allaamah al-Moehaddith al-Faqieh, Shaykhoel-Islaam en Moeftie van de Mensheid, de Hervormer van de 15e eeuw, ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn ‘Abdillaah ibn ‘Abdir-Rahmaan ibn Mohammad ibn ‘Abdillaah Aal Baaz.



    Hij werd geboren in de stad Riyaad op de 12e dag van de 12e maand van het jaar 1330 H(2). Hij groeide op in een nobel gezin dat bestond uit mensen van kennis en gratie, en hij - moge Allah hem genadig zijn - was al vanaf zijn jeugd iemand met hoge waarden, een grote vastberadenheid in het vergaren van kennis, en had een grote ijver hierin; hij memoriseerde de Qor-aan voordat hij de puberteit had bereikt. Hij beschikte over een gezichtsvermogen, maar werd op 16-jarige leeftijd getroffen door een ziekte, waardoor zijn gezichtsvermogen verzwakte en steeds meer afnam totdat op 20-jarige leeftijd zijn gezichtsvermogen totaal verdwenen was. Maar Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - ruilde dit in voor een inzicht in zijn hart, en een licht en Iemaan (Geloof), waardoor hij opgroeide op kennis en gratie, en ijver en vastberadenheid in het vergaren van kennis, zodat hij al op een vroege leeftijd uitmuntte - moge Allah hem genadig zijn.



    Ten tweede: zijn leraren bij wie hij kennis opdeed, zijn o.a.:

    * Ash-Shaykh Mohammad ibn ‘Abdil-Latief ibn ‘Abdir-Rahmaan ibn Hasan ibn ash-Shaykh Mohammad ibn ‘Abdil-Wahhaab - moge Allah hen allen genadig zijn.

    * Ash-Shaykh Saalih ibn ‘Abdil-‘Aziez ibn ‘Abdir-Rahmaan ibn Hasan, de rechter van Riyaad.

    * Ash-Shaykh Sa'd ibn Hamad ibn ‘Atieq, de rechter van Riyaad.

    * Ash-Shaykh Hamad ibn Faaris, agent van de schatkamer.

    * Ash-Shaykh Sa'd al-Waqqaas al-Boekhaarie, bij wie hij de kennis van tadjwied (intonatie van de Qor-aan) studeerde in het geëerde Mekkah in het jaar 1335.

    * Wat betreft zijn Shaykh bij wie hij lange tijd studeerde, en die hij lange jaren vergezelde en voordeel van zijn kennis had, dat is Zijne Excellentie ash-Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem ibn ‘Abdil-Latief ibn ‘Abdir-Rahmaan ibn Hasan ibn ash-Shaykh al-Imaam Mohammad ibn ‘Abdil-Wahhaab - moge Allah eenieder van hen genadig zijn. Hij studeerde vele gevarieerde wetenschappen bij hem en had een groot voordeel van zijn kennis. Hij - moge Allah hem genadig zijn - verheerlijkte zijn Shaykh altijd en prees hem aan en verrichte veel doe'aa(3) voor hem - moge Allah eenieder van hen genadig zijn. Deze zijn dus zijn bekendste leraren.


    Wat zijn leerlingen betreft:

    Zij zijn velen en zijn moeilijk op te sommen, en ik ben in staat om te zeggen: het overgrote merendeel van de rechters en professoren van de universiteiten in de Islamitische faculteiten, en ook in de vele academies en scholen zijn zijn studenten, of de studenten van zijn studenten, of de studenten van de studenten van zijn studenten(...)



    (...)En het behoort tot de gunsten van Allah aan mij dat ik tot zijn leerlingen behoorde(...) die bij de Shaykh hun kennis opdeden - moge Allah hem vergeven.



    Na zijn overplaatsing van al-Medienah naar Riyaad gaf hij lessen in Djaami' al-Imaam Toerkie ibn ‘Abdillaah Moskee, en in één van de moskeeën dicht bij zijn huis, waarbij velen van de universitaire professoren en anderen kennis bij hem opdeden, en deze behoren dus ook tot zijn studenten die bij hem kennis vergaarden.
    "Bij de tijd. Voorwaar de mens lijdt zeker verlies. Behalve degenen die
    geloven en goede daden verrichten en elkaar aansporen tot de Waarheid en
    elkaar aansporen tot geduld."

  2. #2
    Ultra Risala Member Oem_Nisa's Avatar
    Ingeschreven
    May 2006
    Locatie
    Zaandam
    Leeftijd
    31
    Berichten
    3.880
    Reputatie Macht
    18
    Ten derde: de functies die hij bekleedde

    De eerste functie die hij kreeg toegewezen was het rechterschap in al-Khardj, en dat was in de maand Djoemaadal-Aakhirah van het jaar 1357 H., dat wil zeggen dat hij toen 27 jaar was -moge Allah hem genadig zijn, en hij bleef rechter in al-Khardj tot het einde van het jaar 1371 H.



    Daarna ging hij over tot het doceren aan de Wetenschappelijke Academie van Riyaad, en in de Faculteit Sharie'ah(4) nadat deze werd opgericht, en hij bleef dat werk doen tot het einde van het jaar 1380, aangezien de Islamitische Universiteit (van al-Medienah) werd geopend in begin 1381, en hij de directe verantwoordelijke was bij de stichting en de oprichting, als plaatsvervanger van de directeur Zijne Excellentie al-Moeftie ash-Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem - moge Allah hem genadig zijn.



    Hij bleef in de Universiteit van 10 Rabie' al-Awwal 1381 H. tot 14 Shawwaal 1395H., dat wil zeggen dat hij daar 15 jaar heeft doorgebracht.

    Daarna ging hij over tot het voorzitterschap van het Bestuur voor Wetenschappelijk Onderzoek en Fataawaa(5) en Da’wah(6) en Leiding en bleef hier, en in het jaar 1414 H. werd hij benoemd tot Algemene Moeftie van het Koninkrijk, en voorzitter van de Raad van de Grote Geleerden en het Bestuur voor Wetenschappelijk Onderzoek en Fataawaa.


    Hier bovenop was hij ook nog eens voorzitter van de Fundamentele Raad van de Moslim Wereld Liga, de Hoge Wereld Raad voor de Moskeeën en de Jurisprudentiële Vergadering horend bij de Moslim Wereld Liga, en na zijn overplaatsing van de Universiteit werd hij ook lid van de Hoogste Raad ervan, waarvan de hoogste voorzitter de Bedienaar van de Twee Heilige Plaatsen (d.w.z. de Koning) was - moge Allah hem behouden, en als hij afwezig was in de vergaderingen, verving hij Zijne Excellentie ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz -moge Allah hem genadig zijn.


    Ten vierde: zijn kennis

    Hij - moge Allah hem genadig zijn - was een grote geleerde zoals zowel de specifieken als het gewone volk dat weten, en hij was een opvoedende geleerde. Al-Haafidh ibn Hadjar heeft in Fat-h al-Baarie overgeleverd van Ibn al-A'raabie dat hij zei:



    "Een geleerde wordt niet Rabbaanie (opvoeder) genoemd, totdat hij kennis heeft, deze in praktijk brengt en deze onderwijst."



    En dat was hij, hij was een bezitter van kennis, praktiseerder en onderwijzer, en een uitnodiger naar Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - op basis van een duidelijk bewijs - moge Allah hem genadig zijn.



    Hij was een Imaam(7) in de religie; Shaykhoel-Islaam ibn Taymiyyah heeft gezegd:



    "Het Imaamschap in de religie wordt verkregen door geduld en overtuiging, Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - zegt:



    وَجَعَلْنَا مِنْهُمْ أَئِمَّةً يَهْدُونَ بِأَمْرِنَا لَمَّا صَبَرُوا وَكَانُوا بِآيَاتِنَا يُوقِنُونَ



    En Wij maakten van hen Imaams die met Ons bevel Leiding geven, toen zij geduldig waren en van Onze Tekenen overtuigd waren."



    Hij - moge Allah hem genadig zijn - was een geleerde in de hadieth(8) en fiqh(9) en droeg een grote zorg aan het bewijs, streefde naar het terugkeren naar de bewijzen en het hieraan vasthouden, en spoorde aan tot het inslaan van deze weg. Hij had een grote belangstelling voor de hadieth, en het kennen van zowel de authentieke als de zwakke ervan, de overleveraars, en over wie van hen gesproken wordt. In zijn fataawaa en zijn lessen vermeldde hij dat, en zei dan: "Deze hadieth is authentiek, of zwak; omdat de keten die en die overleveraar bevat, of hij is moenqati', of hij is moersal, of hij is zo en zo of zo en zo."



    Hij had een grote belangstelling voor fiqh -moge Allah hem genadig zijn, aangezien hij de gezaghebbende bron voor fataawaa was in het Koninkrijk en daarbuiten, en de Moeftie(10) van de Mensheid, zoals ik al heb gezegd, naar wie de mensen terugkeerden voor verschillende vraagstukken.



    Hij droeg een grote zorg aan het noemen van de uitspraak of de regelgeving, gepaard met zijn bewijs en de verduidelijking hiervan, of deze nu gebaseerd was op de overlevering of op het verstand - moge Allah hem genadig zijn.



    En in zijn commentaar op de uitspraak die naar zijn mening tegenstrijdig was met datgene wat correct is, was hij - moge Allah hem genadig zijn - uiterst beleefd met de mensen van kennis, en zei dan: "Deze uitspraak wordt betwijfeld, en het correcte is dit en dit."



    (...)Maar als de uitspraak waardeloos, duidelijk vals, onwaarheid en tegenstrijdig aan het bewijs was, dan zei hij: "Deze uitspraak is duidelijk vals, of deze uitspraak is incorrect, of niet juist, een valse uitspraak," of andere gelijkende uitdrukkingen.



    Hij - moge Allah hem genadig zijn - had een eminentie bereikt in de kennis, en een hoge rang en verheven positie, zowel de specifieken als het gewone volk getuigen hiervan. En hij heeft deze eminentie niet bereikt door languit achterover te zitten, maar heeft deze slechts bereikt door een ijver en inspanning vanaf zijn vroegste jaren; hij was een ijverige en hardwerkende man, en een dichter heeft ooit gezegd:



    En wanneer de ziel groots is,

    raakt het lichaam vermoeid in het bereiken van haar doel.



    Hij bereikte wat hij bereikte - na de gunst van Allah - slechts door ijver en inspanningen, vermoeidheid, last en moeite, en het opofferen van moeite, gezondheid en welzijn omwille van het bezig zijn met kennis, en het tot nut zijn van de mensen - moge Allah hem genadig zijn.

    Yahya ibn Abie Kathier al-Yamaamie heeft gezegd, zoals al-Imaam Moeslim in zijn Sahieh heeft overgeleverd:



    "De kennis verkrijgt men niet door het rusten van het lichaam."



    (..)En hij - moge Allah hem genadig zijn - was geduldig en rekenend (op Allah's beloning), ijverig en toegewijd in alle fasen van zijn leven, totdat Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - hem wegnam. Hij was een harde werker op het formele werkterrein, in de moskee, op straat en thuis. Hij kende geen tijd om te rusten, behalve een weinig, en zijn deur stond open - moge Allah hem genadig zijn - om de mensen te ontvangen voor het geven van fataawaa, om te bemiddelen, hulp te verlenen of te adviseren, en andere zaken waar de mensen een behoefte aan hebben.



    Hij behaalde deze eminentie en deze verheven positie dus slechts door middel van ijver, hard werken en zelfopoffering -moge Allah hem genadig zijn en hem vergeven.
    "Bij de tijd. Voorwaar de mens lijdt zeker verlies. Behalve degenen die
    geloven en goede daden verrichten en elkaar aansporen tot de Waarheid en
    elkaar aansporen tot geduld."

  3. #3
    Ultra Risala Member Oem_Nisa's Avatar
    Ingeschreven
    May 2006
    Locatie
    Zaandam
    Leeftijd
    31
    Berichten
    3.880
    Reputatie Macht
    18
    Ten vijfde: zijn uitgestrekte profijt

    Hij - moge Allah hem genadig zijn - was nuttig voor de mensen in zijn kennis, in zijn raadgeving, in zijn gebieden van het goede en verbieden van het slechte, in zijn da'wah naar het goede en in zijn steun aan de mensen met zijn bezit en zijn positie; dit alles behoort tot de verschillende aspecten van zijn uitgestrekte profijt.



    Hij was een uitnodiger naar Allah met wijsheid en goede bewoordingen, in zijn lezingen, zijn woorden en zijn boeken. En hij stelde buiten het Koninkrijk uitnodigers aan op de kosten van een aantal weldoeners.



    En tot zijn uitgestrekte profijt behoren zijn veelvuldige fataawaa, zowel door middel van rechtstreekse ontmoeting, als op telefonische wijze, als op correspondentiele wijze. Dit alles behoort tot zijn profijt voor de mensen.



    Wanneer hij - moge Allah hem genadig zijn - in sommige bladen en tijdschriften fouten tegenkwam, attendeerde hij hierop door middel van woorden die gepubliceerd werden in de bladen of essays die hij schreef en dan exclusief gedrukt werden.



    Zijn - moge Allah hem genadig zijn - bijeenkomsten waren gevuld met kennis, raadgevingen, nuttigheden, profijt en weldadigheden aan de mensen, en het waren bijeenkomsten die bijgewoond werden door de Engelen, omdat deze gevuld waren met de gedachtenis van Allah, profijtvolle kennis en met raadgevingen en profijt voor de Moslims - moge Allah hem genadig zijn en hem vergeven.



    Hij was zeer ijverig in het bijstaan van de behoeftigen en het bouwen van moskeeën, binnen het Koninkrijk en daarbuiten. En in zijn privé-bibliotheek in zijn huis waren archieven met (namen van) verschillende personen en bestemmingen die steun ontvingen, of deze nu tot de armen behoorden of tot de uitnodigers, zowel binnen het Koninkrijk als daarbuiten.



    Hij - moge Allah hem genadig zijn - was een bezitter van zachtmoedigheid, vrijgevigheid en gastvrijheid. Wanneer iemand hem bezocht uit een andere stad, haastte hij zich om hem uit te nodigen voor het nuttigen van het middageten of het avondeten, en vroeg hem dan naar zijn staat en de staat van zijn vader en moeder als deze nog in leven waren, of naar de staat van een aantal van zijn familieleden, en naar de prominente geleerden uit zijn stad, en dit behoort tot zijn edele karakter, zijn gunst en zijn nobelheid - moge Allah hem genadig zijn.



    Zijn huis was altijd gevuld met armen en behoeftigen, en mensen die voor een fatwaa kwamen of voor het zoeken naar steun en bijstand, die dan deelnamen aan het middageten of het avondeten, welke elke dag bereid werd met een hoeveelheid die voldeed aan dat aantal van zijn gasten - moge Allah hem genadig zijn.



    Tijdens de haddj(11) van het jaar 1419 H. en dat is het jaar waarin hij van de haddj afwezig bleef in het einde van zijn leven, vanwege een ziekte waardoor de dokters hem adviseerden om niet te reizen naar de haddj. Daarom stelde hij iemand aan om zijn huis in Mekkah te openen, en zijn tentenkamp in Minaa, en het verzorgen van maaltijden en deze voor te dragen aan de mensen die gewoon waren hem te bezoeken om profijt te hebben van zijn kennis en hem te vergezellen in zijn maaltijd. En hij nam dan telefonisch contact op met degene die hij daarvoor aanstelde om zichzelf daarover gerust te stellen.



    Hij maakte gebruik van zijn positie om voor de mensen te bemiddelen en om hen bij te staan in het vervullen van hun wensen en het verwilligen van hun behoeften.



    Vervolgens werd het voor mij vergemakkelijkt om hem te bezoeken tijdens de periode van de haddj in zijn huis en zijn kamp in Minaa, en in dit jaar waarin hij van de haddj afwezig bleef, reisde ik naar Mekkah toen hij daar verbleef voordat hij voor twee dagen naar Taa-if ging, en dat was op donderdag 29 Dhoel-Hiddjah. Ik vertrok samen met één van mijn zonen speciaal om hem te bezoeken, en toen we bij hem aankwamen en hem begroetten, haastte hij zich zoals gewoonlijk om te vragen naar onze staat en naar de ouders, en om uit te nodigen voor het nuttigen van het middageten, waarop ik tegen hem zei: "We zijn speciaal uit al-Medienah gekomen om u te bezoeken en om het middageten samen met u te nuttigen, en daarna terug te keren naar al-Medienah." Hij - moge Allah hem genadig zijn - antwoordde: "Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - zegt:



    وجبت محبتي للمتحابين والمتزاورين في



    "Mijn Liefde is verplicht voor degenen die elkaar omwille van Mij liefhebben en opzoeken."



    En tijdens die ontmoeting waren in zijn bijeenkomst zestig behoeftigen aanwezig, één van degenen die de verzoeken aan hem voorlas had hun aantal namelijk genoemd. Wij arriveerden om 10 uur 's ochtends bij hem, en vanaf die tijd totdat er werd opgeroepen voor het dohr(12) gebed waren er twee secretarissen bij hem. Elk van hen had een aantal verzoeken bij zich, en lazen om de beurt aan hem voor, en wanneer de telefoon afging, nam hij de hoorn op en beantwoordde dan de zoeker naar een fatwaa.



    Toen er werd opgeroepen voor het dohr gebed, vroeg hij wat het aantal was van degenen wiens verzoeken overgebleven waren, waarop er werd gezegd dat er acht overgebleven waren. Dus zei hij: "Als Allah het wil, beëindigen we hun verzoeken na het gebed." En na het gebed keerde hij terug en voltooide wat er was overgebleven totdat het middageten werd gebracht, waarop iedereen opstond om het middageten te nuttigen. Het eten was veel zoals gewoonlijk, omdat de aanwezigen velen waren, en de schalen waarom de mensen zich op die dag verzamelden, waren zes grote schalen - moge Allah hem genadig zijn en hem vergeven.



    Hij - moge Allah hem genadig zijn - nam geen genoegen aan zijn inspanningen in het dienstig zijn aan de mensen en zijn ijver in het bijstaan van hen, en schreef een brief naar één van de grote geleerden en dat was op de 8e dag van de 3e maand van het jaar 1418 H., waarin hij zei:



    "Het verheugt me om u te berichten dat ik sinds een lange tijd de taak op me heb genomen in het steunen van vele behoeftigen binnen het Koninkrijk en daarbuiten, het bouwen van moskeeën binnen het Koninkrijk en daarbuiten, en het aanstellen van uitnodigers buiten het Koninkrijk en dat op de kosten van de Bedienaar van de Twee Heilige Nobele Plaatsen en zijn opvolger, en een aantal Prinsen en weldoeners en handelaren,"



    Daarna zei hij:



    "En de eeuwigheid is aan Allah, en elke ziel zal de dood proeven. Wanneer de dood mij dan overmant, wens ik dat jullie deze werken op jullie nemen, en dat jullie de beloning bij Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - verwachten."
    "Bij de tijd. Voorwaar de mens lijdt zeker verlies. Behalve degenen die
    geloven en goede daden verrichten en elkaar aansporen tot de Waarheid en
    elkaar aansporen tot geduld."

  4. #4
    Ultra Risala Member Oem_Nisa's Avatar
    Ingeschreven
    May 2006
    Locatie
    Zaandam
    Leeftijd
    31
    Berichten
    3.880
    Reputatie Macht
    18
    Ten zesde: zijn aanbidding

    Hij - moge Allah hem genadig zijn - handelde naar zijn kennis, en de vruchten van de kennis zijn de daden. Hij gedacht Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - dan ook veelvuldig, riep Hem veelvuldig aan, verrichtte elk jaar de haddj, en had in totaal 47 bedevaarten verricht -moge Allah hem genadig zijn. Ik ben dat te weten gekomen toen hij het Baahah district bezocht in het jaar 1400 H. in (de maand) Sha'baan, en van het antwoord op de vraag was dat hij zijn leeftijd noemde en dat hij toentertijd zeventig jaar was, en dat hij 28 bedevaarten had verricht; één van de aanwezigen had mij dat verteld. Hij continueerde de haddj tot het jaar vóór het jaar waarin hij overleed, en dat is het jaar 1418 H., dus tellen we bij de 28 bedevaarten 19 op, en dan is het aantal bedevaarten dat hij - moge Allah hem genadig zijn - verricht heeft 47 bedevaarten.




    En van hetgeen ik te weten ben gekomen van de zaken die wijzen op zijn grote zorg voor de aanbidding en het hiermee bezig zijn, is dat ik in het jaar 1397 H. in het einde van de maand Dhoel-Qi'dah van al-Medienah naar Mekkah vertrok voor een zaak die met het werk te maken had, aangezien ik zijn plaatsvervanger was in de Islamitische Universiteit, en ik bracht die nacht bij hem thuis door. In zijn huis was een langwerpige ruimte, waarop hij hierin heen en weer liep terwijl hij de Qor-aan las, aangezien hij wilde bewegen en de Heilige Qor-aan wilde lezen.



    Ook herinner ik me dat in één van de jaren dat hij in de Universiteit was, ik samen met hem de Moskee van de Profeet - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - binnentrad na de adhaan(13) van ad-dohr. Ik bevond me naast hem, en hij bad vier raka'aat(14), terwijl ik er twee bad, en het is bekend dat het is overgeleverd dat de Soenan ar-Raatibah(15) tien en twaalf zijn, en het meest volmaakte is twaalf. Toen hij de tasliem(16) verrichtte, wendde hij zich tot mij en zei:



    "Jij hebt slechts twee raka'aat gebeden,"



    waarop ik antwoordde: "Ja."



    Toen zei hij:



    "Waarlijk, twaalf is het meest volmaakte en het beste."



    Hij hield ten alle tijde vast aan datgene wat het meest volmaakt en het beste was, en attendeerde, adviseerde en vestigde de aandacht op het behalen van het meest volmaakte en het beste - moge Allah hem genadig zijn.



    En ik herinner me ook toen hij naar al-Qasiem ging in het jaar 1385 H. om daar te trouwen, ik met de mashaayikh(17) was die met hem meegingen. Toen we onderweg in een vallei waren met bomen erin, vond er midden in de dag een zonsverduistering plaats, waarop hij opstond en ons ging leiden in het koesoef(18) - moge Allah hem genadig zijn.



    Ten zevende: zijn werken

    De schrijfwerken van de Shaykh zijn er velen en deze bestaan uit profijtvolle en geweldige essays, en men is begonnen met het verzamelen van deze essays en ook de fataawaa(19) (...)

    Ten achtste: mijn speciale band met hem

    Ik leerde de Shaykh - moge Allah hem genadig zijn - kennen in het jaar waarin hij van al-Khardj naar Riyaad kwam; want hij kwam begin 1372 H. en ik kwam in het jaar 1371 H. van mijn stad Zoelfie nadat ik het basisdiploma had behaald en naar de Wetenschappelijke Academie van Riyaad ging. Hij was dat jaar begonnen met het onderwijzen, maar hij gaf geen les aan ons, maar aan een aantal groepen die vóór ons waren, en ik kreeg pas in het laatste jaar les van hem in het jaar 1379 H., aangezien hij de onderwijzer van de leerlingen van het laatste studiejaar was, de leerlingen van het vierde jaar van de Faculteit Sharie'ah. De eerste keer dat ik hem zag en hem ontmoette was in het jaar 1372 H., en in die tijd was er een aantal grote Mashaayikh die tussen al-maghrib en al-‘ishaa lessen gaven in de moskee van ash-Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem - moge Allah hem genadig zijn, en dit waren: ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz - moge Allah hem genadig zijn, ash-Shaykh Mohammad al-Amien ash-Shanqietie - moge Allah hem genadig zijn, ash-Shaykh ‘Abdoer-Rahmaan al-Ifrieqie - moge Allah hem genadig zijn - en ash-Shaykh ‘Abdoer-Razzaaq ‘Afiefie - moge Allah hem genadig zijn. De moskee was overvol met de studenten van de kennis, en ik herinner me dat hij lessen gaf over de tafsier (uitleg) van Soerah Maryam.



    Vervolgens had ik veel contact met hem in de pauzes tussen de lessen en in de moskee en ik bezocht hem in zijn huis. En toen het jaar 1381 H. kwam, was ik - door de lof van Allah - onder degenen die aangesteld werden voor het onderwijzen in de Islamitische Universiteit in eind 1379 H. Ik had ash-Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem - moge Allah hem genadig zijn - namelijk verzocht om me in het onderwijs te plaatsen, waarop hij antwoordde dat hij er mee akkoord ging, maar wilde dat ik in de Islamitische Universiteit ging onderwijzen wanneer deze geopend werd, waarop ik zei: "Ik ben volkomen bereid." In het jaar 1380 H. werd de Islamitische Universiteit niet geopend, en werd er een aantal personen genoemd die het bestuur op zich zouden nemen. Toen de Universiteit in het jaar 1381 H. werd geopend, en ik erachter kwam dat ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz het bestuur op zich zou nemen, als plaatsvervanger van de directeur ash-Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem - moge Allah hem genadig zijn, werd ik ontzettend blij vanwege de positie die deze geweldige man in mijn ziel had. Dus vergezelde ik hem 15 jaren lang, van begin 1381 H. tot bijna het einde van 1395 H.(...) Hij was immers de verantwoordelijke in de Universiteit; tien jaar lang was hij de plaatsvervanger van de directeur, maar hij was de directe verantwoordelijke, degene die bestuurde en de opdrachten uitvoerde, en daarna werd hij de directeur van de Universiteit. In die periode was ik met hem in de Raad van de Universiteit. Hij - moge Allah hem genadig zijn - had mij al vanaf de oprichting van de Universiteit in haar Raad gezet, en in het jaar 1393 H. werd ik aangesteld als plaatsvervanger van de directeur, met zijn toewijzing en de goedkeuring van Koning Faysal - moge Allah hem genadig zijn; ik vergezelde hem dus op het werk en nam regelmatig contact met hem op. Soms zocht ik hem op in zijn huis vóór het vertrek naar de Universiteit en dan zat ik even met hem. Ash-Shaykh Ibraahiem al-Hoesayyin - moge Allah hem genadig zijn - was dan bij hem, en las de verzoeken aan hem voor, na het fadjr gebed totdat de zon opkwam.



    Op een dag zei hij tegen mij:



    "Ik had gisteren een droom: ik zag een mooie kameel en ik geleidde deze, terwijl jij hem bereed,"



    en hij zei:



    "Ik heb (de kameel) geïnterpreteerd als de Islamitische Universiteit."



    En die droom werd - door de lof van Allah - verwezenlijkt. Ik was namelijk twee jaar lang met hem als plaatsvervanger, daarna nam ik zijn plaats in als (hoofd)plaatsvervanger voor vier jaren, en daarin was een groot goed voor de Universiteit, en alle lof is aan Allah. Ik had dus een sterke band met de Shaykh - moge Allah hem genadig zijn, en na zijn overplaatsing naar het leiderschap van het Wetenschappelijk Onderzoek bleef zijn band met de Universiteit voortbestaan, want hij was een lid van haar Hoogste Raad, zoals ik al eerder heb genoemd, en hij was de voorzitter van de bijeenkomsten in de plaats van de hoogste directeur van de Universiteit, de Bedienaar van de Twee Heilige Nobele Plaatsen, en wanneer de nobele Shaykh afwezig was, was hij zijn volledige plaatsvervanger.

    "Bij de tijd. Voorwaar de mens lijdt zeker verlies. Behalve degenen die
    geloven en goede daden verrichten en elkaar aansporen tot de Waarheid en
    elkaar aansporen tot geduld."

  5. #5
    Ultra Risala Member Oem_Nisa's Avatar
    Ingeschreven
    May 2006
    Locatie
    Zaandam
    Leeftijd
    31
    Berichten
    3.880
    Reputatie Macht
    18
    Ten negende: zijn dood

    Hij - moge Allah hem genadig zijn - overleed - zoals eenieder dat weet - op donderdagochtend 27 Moeharram, enkele minuten voor de adhaan van het fadjr gebed, en na het vrijdaggebed werd er voor hem gebeden in de Gewijde Moskee. Hij werd begraven in al-‘Adl begraafplaats in het nobele Mekkah, en zijn begrafenis werd bijgewoond door een aantal waarvan de kennis alleen bij Allah is.



    En dat is vanwege de verheven positie van de Shaykh - moge Allah hem genadig zijn - en de liefde in de zielen, en ik hoop dat hij behoort tot degenen over wie Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - heeft gezegd:



    إِنَّ الَّذِينَ آمَنُوا وَعَمِلُوا الصَّالِحَاتِ سَيَجْعَلُ لَهُمُ الرَّحْمَنُ وُدّاً



    Voorwaar, degenen die geloven en goede werken verrichten: de Meest Barmhartige zal hen liefde schenken.



    En tot degenen die genoemd worden in de hadieth:



    إن الله إذا أحب العبد نادى جبريل وقال: إني أحب فلانا فأحبه، ثم ينادي في أهل السماوات: إن الله يحب فلانا فأحبوه، فيحبه اهل السماوات، ثم يوضع له القبول في الأرض



    "Waarlijk, wanneer Allah van een dienaar houdt, roept Hij Djibriel en zegt: "Waarlijk, Ik houd van die en die, houdt dus van hem." Dan roept Djibriel tot de bewoners van de hemelen: "Waarlijk, Allah houdt van die en die, houdt dus van hem," waarop de bewoners van de hemelen van hem houden, waarop de gunstige ontvangst voor hem op aarde wordt geplaatst."



    (...)En ik herinner me dat al-Haafidh ibn Hadjar - moge Allah hem genadig zijn - in "al-Isaabah" de biografie van Qays ibn ‘Aasim al-Manqarie at-Tamiemie - moge Allah tevreden zijn met hem - vermeldt, één van de Metgezellen van de Boodschapper van Allah - sallallahoe ‘alayhi wa sallam, en hij was een meester onder zijn volk. ‘Abdah ibn at-Tayyib beweende hem in een gedicht, zeggende:



    De dood van Qays was niet de dood van één persoon,

    maar het was het gebouw van een volk dat instortte.



    En dit is van toepassing op ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz - moge Allah hem genadig zijn.

    Hij was niet het verlies van een familie, noch het verlies van een dorp of stad, noch het verlies van een land of een gebied, maar hij is het verlies van de (gehele) Islamitische wereld - moge Allah hem genadig zijn en hem vergeven.



    Hij - moge Allah hem genadig zijn - liet vier zonen en zes dochters achter, en één van de zonen - en dat is Ahmad - behoort tot de studenten van de kennis; moge Allah zijn kinderen oprecht maken en hen zegenen, en moge Hij de Shaykh en ons allen vergeven. Maar hij heeft duizenden kinderen achtergelaten die profijt halen uit zijn kennis en doe'aa voor hem verrichten, en de Profeet - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - heeft gezegd:



    إذا مات ابن آدم انقطع عمله إلا من ثلاث، صدقة جارية، أو علم ينتفع به، أو ولد صالح يدعو له



    "Wanneer de zoon van Adam sterft, stoppen al zijn werken behalve drie: een lopende liefdadigheid, of kennis waaruit profijt wordt gehaald, of een oprechte zoon die doe'aa voor hem verricht."



    Zijn kinderen van onder zijn nakomelingen en zijn kinderen in de kennis verrichten allemaal doe'aa voor hem, en de moslims verrichten doe'aa voor hem - moge Allah hem genadig zijn en hem vergeven.



    Zijn opvolger in zijn werk als Moeftie in het Koninkrijk en leider van de Raad van de Grote Geleerden en leider van het Bestuur voor Wetenschappelijk Onderzoek en Fataawaa is zijn plaatsvervanger in de Fataawaa ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn ‘Abdillaah ibn Mohammad Aal ash-Shaykh - moge Allah hem behouden en hem zegenen, en moge Hij hem de beste khelef (nakomer) laten zijn voor de beste selef (voorganger). En hij staat bekend om zijn volharding in het bezig zijn met de kennis en om zijn nuttige en profijtvolle preken in Djaami' al-Imaam Toerkie Moskee en in Moskee Namoerah op de dag van ‘Arafah.



    Degene die het leiderschap van het Bestuur voor Wetenschappelijk Onderzoek en Fataawaa en Da'wah en Leiding op zich nam, voordat Zijne Eminentie ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn Baaz hiernaar werd overgeplaatst van de Islamitische Universiteit, was ash-Shaykh Ibraahiem ibn Mohammad ibn Ibraahiem Aal ash-Shaykh.



    En wij zijn zeer verheugd wanneer wij in de familie van Aal ash-Shaykh (de familie van Shaykhoel-Islaam Mohammad ibn ‘Abdil-Wahhaab -moge Allah hem genadig zijn) mensen zien die van de geleerden zijn.



    Ik zeg: tot de goede daden van de gezaghebbers van dit land behoort hun grote zorg voor Aal ash-Shaykh en hun begerigheid in het aanstellen van hen voor de belangrijke werken. En dat is omdat de oorsprong van dit gezag, waarin twee eeuwen lang of nog langer een groot profijt heeft gezeten, is ontstaan door de ontmoeting van twee geweldige Imaams, en dat zijn al-Imaam Mohammad ibn Sa'oed - moge Allah hem genadig zijn - en al-Imaam Mohammad ibn ‘Abdil-Wahhaab - moge Allah hem genadig zijn, en hun da'wah naar Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - en het steunen van de religie van Allah.



    (...)Ik vraag Allah - de Almachtige en Majesteitelijke - om Zijne Eminentie de Shaykh te vergeven, om hem de beste beloning te schenken, om zijn kennis te zegenen, om hem te belonen voor wat hij heeft voorgedragen, en voor wat hij heeft achtergelaten aan lopende liefdadigheden, en om hem een geweldige beloning te schenken, en om ons allen te leiden naar hetgeen Hem welbehaagt, en het verkrijgen van nuttige kennis en het handelen hiernaar. Waarlijk, Hij is Vrijgevig, Edelmoedig.



    De Salaah en de Salaam en de zegeningen van Allah zijn met Zijn dienaar en Boodschapper, onze Profeet Mohammad, en met al zijn Metgezellen en volgelingen.



    Bron: Ash-Shaykh ‘Abdoel-‘Aziez ibn ‘Abdillaah ibn Baaz Namoedadj min ar-Ra'iel al-Awwal
    Vertaald vanuit het Arabisch door: Ridouane Mallouki
    -http://www.soennah.com/content/view/226/44/1/1/







    (1) Voetnoot van de vertaler: Oemmah: De Moslimgemeenschap.



    (2) Voetnoot van de vertaler: H: Na Hidjrah, de emigratie van de Profeet Mohammad - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - van Mekkah naar al-Medienah, en tevens het begin van de Islamitische jaartelling.



    (3) Voetnoot van de vertaler: Doe'aa: Smeekbede.



    (4) Voetnoot van de vertaler: Sharie'ah: De Islamitische wetgeving.



    (5) Voetnoot van de vertaler: Fataawaa: De meervoudsvorm van fatwaa: de uitspraak van een geleerde betreffende een religieus vraagstuk.



    (6) Voetnoot van de vertaler: Da'wah: Uitnodiging/oproep naar de Islaam.



    (7) Voetnoot van de vertaler: Imaam: Leider.



    (8) Voetnoot van de vertaler: Hadieth: Overlevering van een uitspraak, handeling of goedkeuring van de Profeet Mohammad - sallallahoe ‘alayhi wa sallam.



    (9) Voetnoot van de vertaler: Fiqh: Islamitische wetleer.



    (10) Voetnoot van de vertaler: Moeftie: Degene die fataawaa vervaardigt.



    (11) Voetnoot van de vertaler: Hadjj: De verplichte bedevaart naar Mekkah en tevens de vijfde pilaar van de Islaam.



    (12) Voetnoot van de vertaler: Dohr: Het middaggebed.



    (13) Voetnoot van de vertaler: Adhaan: De oproep tot het gebed.



    (14) Voetnoot van de vertaler: Raka'aat: De meervoudsvorm van rak'ah: eenheid van het gebed.



    (15) Voetnoot van de vertaler: as-Soenan ar-Raatibah: De vrijwillige gebeden die de Profeet - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - nooit achterwege liet, en deze zijn in totaal 12 raka'aat: vier voor ad-dohr, twee na ad-dohr, twee na al-maghrib, twee na al-‘ishaa en twee voor al-fadjr. Overgeleverd door Oemm Habiebah dat de Profeet - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - heeft gezegd:



    من صلى في يوم ثنتي عشرة ركعة تطوعا، بني له بهن بيت في الجنة



    "Wie op één dag 12 vrijwillige raka'aat bidt, voor hem wordt daarmee een huis gebouwd in het Paradijs."



    Overgeleverd door Moeslim, Aboe Daawoed, an-Nasaa-ie en at-Tirmidhie en al-Albaanie verklaarde hem sahieh (authentiek).



    Overgeleverd door ‘Abdoellah ibn Shaqieq die zei: "Ik vroeg ‘Aa-ishah over het vrijwillige gebed van de Boodschapper van Allah - sallallahoe ‘alayhi wa sallam, waarop zij antwoordde:



    كان يصلي قبل الظهر أربعا في بيتي، ثم يخرج فيصلي بالناس، ثم يرجع إلى بيتي فيصلي ركعتين، وكان يصلي بالناس المغرب، ثم يرجع إلى بيتي فيصلي ركعتين، وكان يصلي بهم العشاء، ثم يدخل بيتي فيصلي ركعتين،(...) وكان إذا طلع الفجر صلى ركعتين، ثم يخرج فيصلي بالناس صلاة الفجر صلى الله عليه وسلم



    "Hij bad voor ad-dohr vier raka'aat in mijn huis, waarna hij naar buiten ging en de mensen in het gebed leidde. Daarna keerde hij terug naar mijn huis en verrichtte twee raka'aat. En hij leidde de mensen in het maghrib gebed, waarna hij naar mijn huis terugkeerde en twee raka'aat bad. En hij leidde hen in het ‘ishaa gebed, waarna hij mijn huis binnenkwam en twee raka'aat bad(...) En wanneer de dageraad (al-fadjr) opkwam bad hij twee raka'aat, waarna hij naar buiten ging en de mensen leidde in het fadjr gebed - sallallahoe ‘alayhi wa sallam."



    Overgeleverd door Moeslim en Aboe Daawoed, en al-Albaanie verklaarde hem sahieh (authentiek).



    (ad-dohr: het middaggebed, al-‘asr: het namiddaggebed, al-maghrib: het vooravondgebed, al-‘ishaa: het avondgebed, al-fadjr: het ochtendgebed.)



    (16) Voetnoot van de vertaler: Tasliem: Het beëindigen van het gebed door het zeggen van "as-Salaamoe ‘alaykoem wa rahmatoellah."



    (17) Voetnoot van de vertaler: Mashaayikh: De meervoudsvorm van Shaykh: bezitter van kennis, geleerde.



    (18) Voetnoot van de vertaler: Koesoef: Zonsverduistering.



    (19) Voetnoot van de vertaler: Deze zijn verzameld en getiteld: Madjmoe' Fataawaa wa Maqaalaat Moetanawwi'ah.
    "Bij de tijd. Voorwaar de mens lijdt zeker verlies. Behalve degenen die
    geloven en goede daden verrichten en elkaar aansporen tot de Waarheid en
    elkaar aansporen tot geduld."

Onderwerp Informatie

Gebruikers die zit Onderwerp aan het lezen zijn

Er zijn momenteel 1 gebruikers dit onderwerp aan het lezen. (0 leden en 1 gasten)

Gelijkaardige Onderwerpen

  1. Umar Ibn Abdul Aziez en de 1.000 dirham ring
    Door »¤ƒãïtµ¤« in forum Hadith
    Reacties: 0
    Laatste Bericht: 04-11-09, 09:30
  2. Een verduidelijking omtrent de da`wah van al-Iemaam Mohammed bin `Abdoel-Wahhaab
    Door NL-Ismail-Mohammadi in forum Uitnodiging naar de Islam [Da3wah]
    Reacties: 0
    Laatste Bericht: 15-09-09, 01:30
  3. Biografie van de boodschapper van Allaah
    Door NL-Ismail-Mohammadi in forum Biografieën
    Reacties: 0
    Laatste Bericht: 13-09-09, 04:39
  4. Hamzah bin Abdoel-Moettaalib
    Door Oem_Nisa in forum Algemene informatie over islam
    Reacties: 1
    Laatste Bericht: 26-03-08, 08:49
  5. Biografie van Aboe Bakr as-Siddiq
    Door Jamal in forum Biografieën
    Reacties: 4
    Laatste Bericht: 16-12-05, 20:59

Bladwijzers

Forum Rechten

  • Je mag geen nieuwe onderwerpen plaatsen
  • Je mag geen reacties plaatsen
  • Je mag geen bijlagen toevoegen
  • Je mag jouw berichten niet wijzigen
  •