Wij roepen Hem aan, maar Hij beantwoordt ons niet.

Ibraahiem Ibn Adham (d.160H) - rahimahullaahu ta’aalaa - zei:

Toen hij werd gevraagd (door een aantal mensen) over de uitspraak van Allaah -
de Allerhoogste - :

"Roept Mij aan, Ik zal jullie verhoren." [Soerah Ghaafir (40):60]
(Zij zeiden):
Wij roepen Hem aan, maar Hij beantwoordt ons niet.
Dus zei hij tegen hen:

"* Jullie kennen Allaah, echter gehoorzamen jullie Hem niet.

*Jullie reciteren de Qur'aan, maar jullie handelen er niet naar.

*Jullie kennen Shaytaan, maar zijn het toch eens met hem.

*Jullie beweren te houden van de Boodschapper van Allaah (salallaahoe 'alayhi wassalam), echter verlaten jullie zijn Sunnah.

*Jullie beweren te houden van het Paradijs, echter werken jullie er niet voor.

*Jullie beweren het Vuur te vrezen, echter stoppen jullie niet met zondigen.

*Jullie zeggen: voorzeker, de dood is waarheid, echter hebben jullie je er niet op voorbereid.

*Jullie houden je bezig met de fouten van anderen, maar jullie kijken niet naar
jullie eigen fouten.

*Jullie eten van het levensonderhoud, waarmee Allaah jullie voorziet, toch zijn jullie Hem niet dankbaar.

*Jullie begraven jullie doden, maar jullie hebben er geen lering uit getrokken."

Uit: het laatste hoofdstuk van al-Khushoo' fis-Salaat
al-Haafidh Ibn Rajab al-Hanbalee (d.795H)